Migrantenfilms
De cultuur van migranten wordt gekleurd door het verleden dat ze achter hebben gelaten, maar bepaald door de eisen die de nieuwe overleefomgeving ze stelt. Daarom hebben de culturen van migranten uit verschillende delen van de wereld soms meer met elkaar gemeen dan wat de mensen die vanuit een zelfde land gemigreerd zijn met elkaar delen. Indo’s worden bijvoorbeeld gescheiden door streekverschillen, etnische verschillen, sociale verschillen en de mate waarin ze er anders uit zien. Maar de aanpassing aan de nieuwe omgeving vraagt iets van alle migranten. Daarom lijken migrantenfilms vaak in zeker zin op elkaar. Niet wat betreft de sfeer, maar voor wat betreft hun thema.
Het belangrijkste thema in migrantenfilms is de familie. Wie helpt je als je in een ander land komt? Op welke contacten kun je vertrouwen? En hoe breid je de netwerken die je via je familie opbouwt uit?
De ‘Godfather I, II en III’ zijn de schoolvoorbeelden van migrantenfilms. De Italiaanse familie helpt elkaar en om te overleven kun je maar beter bij een familie behoren. Het gaat om een gevecht tussen de samenleving die je niet zal helpen en de familie waarmee je het redt. Mensen die niet trouw zijn aan de familie moeten het in de ‘Godfather’ zelfs met hun leven bekopen. De druk om loyaal te blijven is groot.
Lang niet altijd is het echter mogelijk om als gehele familie te migreren. Meestal vertrekt er eerst één man of vrouw naar het nieuwe land en later volgen geleidelijk meer familieleden. In het geval van de Indo’s vertrokken ze met de hele familie. Na de Indonesische onafhankelijkheid konden ze kiezen: in Indonesië blijven of naar Nederland gaan.
Eén van de thema’s in migrantenfamilies is de controle door de familie. Daardoor ontstaat de spanning tussen het ontwikkelen en beschermen van de eigen identiteit, de eigen vrijheid en het conformeren aan de cultuur en verwachtingen van de familie. Seksuele identiteit speelt daar een belangrijke rol bij. ‘The wedding banquet’, ‘Chutney Popcorn’ en ‘My beautiful laundrette’ zijn films waarin de hoofdpersoon met homoseksuele geaardheid de familie juist wil ontlopen, maar haar tegelijkertijd zo hard nodig heeft omdat de familie de plaats is waar de herinneringen gedeeld worden.
Een derde thema dat in migrantenfilms aan de orde komt is de strijd die geleverd moet worden om een plaatsje in de nieuwe samenleving te veroveren. Het is eerder regel dan uitzondering dat migranten terecht komen op de lagere maatschappelijke posities en ze hebben meestal geen toegang tot bestaande netwerken. Indo’s die hoge posities bij de banken in voormalig Nederlands-Indië hadden, moesten bij aankomst in Nederland bijvoorbeeld tekenen dat ze voor het minimumsalaris wilden werken. Migranten moeten een plaatsje in de nieuwe samenleving veroveren. De plekken waar ze in de eerste plaats terecht kunnen zijn die waar vanzelfsprekend geen concurrentie is. Meestal betreft het een stereotiepe voorstelling van het land dat ze verlaten hebben. Daarom belanden ze in de exotische keuken en de vermakelijkheidsindustrie. Het begon daarom met Indische restaurants en toko’s en met Indische jongens en meisjes die zongen en gitaar speelden. Inmiddels zijn de Indo’s aangepast. Ze koken en musiceren nog steeds, maar het is niet meer zo noodzakelijk in het proces van maatschappelijke aanpassing. Ze hebben goede scholing en kunnen in principe in elke sector van de samenleving terecht. Koken speelt in alle migrantenfilms echter wel vaak een hoofdrol en de eigen muziek of hoe die zich vermengd heeft is ook erg belangrijk.
In ‘Ver van familie’ spelen al deze elementen op de achtergrond mee. Loyaliteit, losmaken, identiteit, vasthouden van de keuken en de muziek.